LAWINE

 

‘Caroline…?’
Ze hoorde een lichte aarzeling in zijn stem. Nieuwsgierig wat Geoffrey nu weer had, liep ze naar zijn kamer. Hij stond op het punt om met een dik dossier te vertrekken en keek haar nauwelijks aan. ‘Kan jij Alex onder je hoede nemen? Ik had hem beloofd om dit weekend met hem naar Verbier gaan, maar dat kan nu niet.’ Hij tikte op het dossier. ‘Kreeg net een uitnodiging voor een seminar.’
‘Geen probleem, je kunt op mij rekenen.’
Geoffrey bromde goedkeurend en hield zijn leren tas open. ‘Jij kunt hem vast overtuigen om iets met zijn leven te gaan doen. Ik regelde al een plaats op de universiteit en een repetitor voor zijn rechtenstudie.’
Ze knikte. ‘Kom je later?’
‘Ik zal het proberen.’ Voorzichtig liet hij het dossier in zijn tas glijden.
‘Is je zoon er al?’
‘Nog niet. Hij komt morgen vroeg in Genève aan. De jongen kan de trein naar Lausanne nemen. Als jij hem daar van het station kunt ophalen… Ik stuur hem wel een berichtje… je hebt toch die rode X3?’ Hij keek op zijn horloge en sloot zijn leren tas.
‘Je kunt op mij rekenen.’
‘Mooi, de kosten zijn uiteraard voor mijn rekening. Ga met Alex dineren bij La Grange en bel Alois.’
‘Uiteraard. Ga maar, ik zie dat je haast hebt.’
Ze keek hem na. Met haar 38 jaar, was ze 5 jaar geleden opgeklommen tot partner bij het grote advocatenkantoor in Lausanne waar Geoffrey de scepter zwaaide.
Veertien jaar geleden was ze bij zijn prestigieuze advocaten kantoor aangenomen. Katharina en Geoffrey waren toen nog bij elkaar. Ook toen ze hier pas werkte vroeg Geoffrey haar om af en toe op zijn kind te passen. Alex, het verlegen jongetje van 10 dat ze in een teruggetrokken puisterige puber had zien veranderen.
Toen Katharina een contract kon krijgen bij een balletgroep in Amerika, werd het een scheiding van tafel en bed. Geoffrey regelde het zo dat Alex met zijn moeder vertrok. Hij vond een kind maar lastig. Met een klein rekensommetje begreep ze dat de jongen nu 24 zou zijn.
Het was een van Geoffreys briljante ideeën geweest om het grote chalet in Verbier door de maatschap uit het faillissement van een klant te laten kopen. Eerst leek het haar niets om ook buiten kantooruren hier met collegae te zijn, maar de fantastische ligging en de mooie omgeving werkten positief en bovendien presteerde iedereen beter. Zij had geboft dat haar een van de zonnigste zit-slaapkamers in het grote chalet was toebedeeld.
Alois, de man die voor de vorige eigenaar de boel onderhield, was blij dat hij zijn baan had kunnen houden. Hij deed zijn werk uitstekend.
Ook in de zomer was het daar heerlijk toeven. Ze merkte dat ze echt bijkwam van de zware werkdruk. Het binnenzwembad werd het hele jaar door verwarmd, de keuken was praktisch en als iemand een partij wilde geven, stond de kok van Chalet d’Adrien klaar om te cateren.
Ze had er de pest in dat ze haar vrije weekend moest opofferen om zich over dat joch te gaan ontfermen, maar niemand, zelfs de oudere partners, haalde het in hun hoofd om Geoffreys eisen niet te eerbiedigen. In haar agenda stond voor die zaterdag alleen een kappersafspraak. Ze belde de kapper af, telefoneerde met Alois en zocht de vlucht uit New York op. Het toestel werd om zes uur ’s-morgens verwacht. Zonder vertraging, kon Alex de trein van zeven uur nemen en kwart voor acht in Lausanne zijn.
Ze sloot haar design bureau af, pakte haar tas en liep naar haar auto.

In haar ruime nog maar half ingerichte appartement zocht ze haar skikleren bij elkaar.
Op haar telefoon hoorde ze een piepje. Robert, haar buurman. Ze bekeek het bericht ga je morgen mee naar het concert? Ik kon nog net plaatsen bemachtigen, ook voor het souper.
Ze gromde zacht. Even flitste de gedachte door haar hoofd om Alex te laten stikken. Blijkbaar was hij nog steeds een watje, maar beloofd was beloofd.
Ze belde bij Robert aan.
Hij deed open en omhelsde haar. ‘Caroline, ik zond je net een berichtje… aan jouw gezicht te zien…’
‘Ik baal hiervan Robert… zou dolgraag gaan… dat weet je… het werk…’
‘Heb jij je weer door die ouwe laten lijmen?’
Ze knikte. ‘Nu zijn vrouw dood is wil hij de goede vader gaan spelen. Ik moet zijn zoontje opvangen en bezighouden tot hij komt.’
‘In Verbier?’
Ze knikte en pakte het glas aan dat Robert voor haar had ingeschonken.
‘Kan je daar niet onderuit?’
Ze keek haar elegante buurman aan en kneep haar lippen samen. ‘Hij bepaalt de bonus. Dit dure appartement en de nieuwe auto die ik net kocht… Ach, ik zit nu eenmaal in dit schuitje.’
‘Tja…’
‘Zo erg is het ook weer niet en ik hou van mijn werk. Kan je iemand anders meenemen… zonde om dit te laten lopen. Luister voor mij. Ik ga maar weer. Nog even pakken en morgen vroeg op, want ik moet die knul ook nog ophalen van het station.’
Robert liep met haar mee naar de deur. ‘Sterkte met je oppas-job.’
Ze trok een gezicht en liep naar haar eigen bedoening.
In haar ijskast lag nog een stuk quiche, prima om dit vanavond te eten. Morgen kon ze zich als oppas laten verwennen door de kookkunst van Jeremy, de kok van La Grange.
Ze zette de wekker, al wist ze dat haar persoonlijke klok nog steeds prima werkte.

Na een glas sinaasappelsap en een plak cake, pakte ze haar bagage op. Met de lift was ze zo in de garage. Op haar horloge zag ze dat ze alle tijd had om naar het station te rijden. Ze vond een strategische plek voor de uitgang van het station, al kon ze daar niet echt parkeren, dus bleef ze zitten. In het tegenlicht was het moeilijk om een jongeman met ski’s tussen de stroom passagiers die het station uitliepen te ontdekken.
Een tikje tegen haar raam deed haar omkijken. Een lange knappe man stond bij het rechterportier van haar auto. Haar wenkbrauwen schoten omhoog. ‘Alex?’
Hij knikte en ze ontgrendelde de deur.
‘Caroline… hallo… mijn vader meldde al dat jij een rode BMW hebt. Fijn dat ik mee kan rijden. Kan de achterklep open?’
‘Zeker… ik druk even op de knop. Goede reis gehad?’
Hij knikte. Ze zag in haar achteruitkijkspiegel dat de ski’s schuin net in de achterbak pasten. ‘Zo, die liggen. Nu nog even mijn reistas. Sluit dat ding maar… of wil je dat ik op die knop druk?’
De klep sloot zacht zoevend en hij stapte naast haar in. Ze reed meteen weg, want er stond een ongeduldige automobilist achter haar. Met alle aandacht voor het verkeer ging ze de grote weg op.
Alex leunde achterover. ‘Ik ben erg benieuwd naar het chalet. Hoorde dat dit van een of andere filmster is geweest. Is het erg kitschachtig?’
‘Nee, gelukkig niet… de kerel heeft de inrichting door een binnenhuisarchitect laten doen. Geen gouden kranen en zo.’
Ze moest remmen voor een vrachtauto en keek opzij. Alex had de veiligheidsriem net vastgemaakt.
‘Was het ontbijt in het vliegtuig voldoende? We kunnen stoppen bij de Mövenpick om een hapje te nemen… is hier vlakbij.’
‘Hoe lang is het nog rijden?’
‘Ongeveer anderhalf uur.’
‘Stop dan maar… heb jij al ontbeten?’
‘Nauwelijks. Hou je vast. Het is hier… ik maak een scherpe bocht.’
Ze parkeerde de auto en stapte uit.
Alex volgde haar, geeuwde en rekte zich uit.
Ze wees naar een tafeltje aan het raam. ‘Kom, ik zie daar een mooi plaatsje.’
Hij hield keurig de restaurantdeur voor haar open.
Caroline ging zitten en pakte de kaart. ‘Nog gecondoleerd met het verlies van je moeder.’
‘Dank je Caroline… vader wil dat ik weer in Zwitserland ga wonen.’
‘En jij?’
‘Ach, ik moest haar flat in New York toch uit.’
Hij pakte de kaart en knikte naar de serveerster die bij hun tafeltje stond.
‘Twee keer ontbijt zeker?’ vroeg het meisje.
‘Graag juffrouw.’
Ze keek hem vragend aan. ‘Thee?’
‘Nee, voor mij koffie.’
Caroline knikte. ‘Straks wil ik een espresso als ik de croissant op heb.’
Het meisje liep weg en ze zag dat Alex haar verstrooid na keek.
Hij was een mooie man geworden, zich niet bewust van zijn aantrekkingskracht. In zijn gezicht herkende ze trekken van zijn moeder. Qua figuur, zou hij een danser kunnen zijn.
Een mandje met 4 croissants werd al voor hen neergezet.
‘Alex, ik heb genoeg aan één. Neem jij die van mij maar.’
‘Meen je dat?’
‘Natuurlijk. Ik heb je vader beloofd om goed voor jou te zorgen. We eten vanavond bij La Grange, een begrip in Verbier. Ik neem aan dat jij niet alleen maar Hamburgers eet.’
Hij grinnikte. ‘Spaar me… moeder was erg verwend.’
‘Jij ook?’
‘Nee, klinkt misschien gek, maar van mij hoeft poespas niet zo. Natuurlijk eet ik mijn bord leeg als ik in een top restaurant ben.’
‘Jij geeft meer om geestelijk voer?’
‘Zo zou je het kunnen noemen. Mijn overgrootvader schreef ook.’
‘Dat ook…, slaat dat op schrijfambities? Handig in de advocatuur.’
‘Spaar me de advocatuur, jammer voor mijn vader… ik vind dat beroep niet creatief genoeg.’
‘Ik kan jouw vader niet oncreatief noemen… toen hij besloot om dit chalet te kopen…’
‘Iedereen kijkt tegen hem op.’
Ze zag een diepe rimpel op zijn voorhoofd komen. Hij ademde zwaar en keek haar toen aan. ‘Mijn moeder koos voor een eigen carrière.’
‘Daar kan ik helemaal inkomen, maar dan moet je wel een speciaal talent hebben.’
Alex dronk zijn koffie en schoof zijn bord van zich af. ‘Zo ik ben wakker, wil jij die espresso nu hebben?’
‘Graag, heb jij genoeg gegeten?’
‘Net wat ik nodig had Caroline. Je zorgt prima voor mij.’
Alex hield zijn hand op en wees naar zijn lege espresso kop. Hij stak twee vingers op.
Caroline zocht haar portemonnee.
Alex keek schaapachtig. ‘Sorry, ik heb alleen maar dollars. Het is niet mijn gewoonte om een vrouw te laten betalen.’
Ze stond op. ‘Dit is op verzoek van je vader… puur een zakelijk uitje.’
Ze rekende af en stopte de nota in een speciaal vakje in haar tas.
Zwijgend liepen ze naar de auto.
Alex doezelde af en toe een beetje weg, maar hij was klaar wakker toen ze over het onregelmatige pad naar het chalet reed.
‘Wow,’ riep hij toen ze voor het grote chalet stopte.
Alois kwam aanlopen, met een donkergroen voorschoot om. ‘Welkom mijnheer Alex, mevrouw Caroline, fijn dat u er weer bent. Ik bekommer mij over de bagage. Mijnheer Alex krijgt de gasten suite.’
‘Toe maar… een suite…’
‘Zo groot is die niet hoor, maar we noemen hem zo. Wat wil je… een warm bad… meteen skiën… je zegt het maar.’
‘Ik wil dit chalet eerst eens bekijken… mag ik jouw kamer ook zien? Deze architectuur… prachtig… zeker nauwelijks een spijker aan te pas gekomen.’
‘Dat zou ik niet weten, volgens mij is dit het mooiste chalet in Verbier. Kijk rustig rond. Mijn kamer is hier boven de ingang, met dat balkon. Eerste etage, kan niet missen… nummer 7. Alois zet je ski’s al weg.’
Caroline pakte haar beautycase en liep naar boven. In haar kamer opende ze de deur naar haar balkon. Ze rekte zich uit en snoof de frisse lucht op. Door de stralende zon leek de sneeuw bezaaid met diamanten. Ze keek naar de ring die ze altijd droeg, nog van haar moeder geweest. Veel mannen dachten dat dit haar trouwring was, maar voor een partner had ze geen tijd. Het was goed zo, wist ze. Wel voelde ze het gemis van een sterke schouder. Met Robert kon ze het prima vinden, al ging zijn seksuele voorkeur naar mannen uit.
Ze hoorde het klopje van Alex.
‘Kom binnen, ik bewonder net het uitzicht… hier krijg je nooit genoeg van.’
Hij kwam naast haar staan en sloeg zijn armen over elkaar. ‘Om stil van te worden… of om hier een thriller te schrijven…’
Ze draaide zich om en vroeg zich af of hij een grapje maakte, maar hij keek heel ernstig.
Hij draaide zich om, leunde met zijn billen tegen de balustrade. ‘Ik meen het… hier zou ik best een tijd willen wonen om een boek te kunnen schrijven… geen afleiding…’
‘In Verbier is afleiding genoeg… te veel zelfs.’
‘Nee, ik zou het pand niet willen verlaten… maar dat is geen optie. Ik kan niet van vader verwachten dat hij mij gaat onderhouden.’
‘Ik neem aan dat jij je erfdeel van je moeder…’
Hij hield zijn hand op. ‘Moeder had rijke vrienden… ik erf niets… die balletschool… slurpte geld. Ach, ze was er gelukkig mee.’
Caroline ging op de houten bank zitten. Een brutaal roodborstje hipte op de rand van de balustrade.
Beiden draaiden hun gezicht naar het diertje dat hen olijk aankeek.
‘Een roodborstje… betekent een strenge winter. Mijn moeder zei dat altijd. Meestal komt dat ook uit. Zeg, hou jij van skiën?’
‘Jawel. Met dit prachtige weer… ga jij ook?’
‘Daar had ik al op gerekend. Mijn ski’s staan hier.’ Ze keek op haar sportieve Hermes horloge. ‘Als we opschieten kunnen we met de lift naar boven, daar buiten lunchen en dan naar het chalet afdalen. Hier is ook een binnenzwembad… even een uurtje plat en daarna met de sneeuwscooter naar La Grange. Lijkt je dat wat?’
Hij gaf haar een high five.
‘Oké Alex, naar je kamer, dan hijs ik mij in de skikleren.’

Alex stond al buiten op zijn ski’s, toen ze beneden kwam. Alois reikte haar ski’s aan. ‘Veel plezier u beiden… kan ik nog iets voor u doen?’
‘Zijn er croissants voor het ontbijt?’
‘De ijskast is gevuld mevrouw Caroline.’
‘Fijn, dank je Alois. Alex, pas op dat jij je hoofd niet stoot aan die ijspegels. Die kunnen dodelijk zijn… iets voor je boek…’
Hij reageerde niet op haar opmerking, maar keek haar even aan. ‘Je bent toch partner hè?’
‘Ja, dat is wel de voorwaarde om een aandeel in dit chalet te hebben.’ Ze deed haar ski’s aan en wees richting lift station. ‘Kijk, je moet daar heen, een klein stukje. Ski maar achter mij aan, dan komen we in de juiste rij.’
‘Prima.’
In de liftkooi stonden ze dicht tegen elkaar. ‘Ja, het is nu druk… iedereen wil boven lunchen… Alois heeft al een tafeltje besproken.’
‘Ik word hier in de watten gelegd.’
‘Iets op tegen?’
Caroline volgde de meute uit de lift. Ze tikte Alex op zijn schouder toen hij zijn ski’s wilde aandoen. ‘Beter om te lopen. Het is maar een klein stukje.’ Ze wees naar de grote houten vlonder waar gedekte tafeltjes en banken keurig in het gelid stonden. Er zaten al een paar mensen achter de wijn.
Patrice groette haar, maakte een veelbetekenend gebaar toen hij Alex zag en wees naar een tafeltje, waarna hij iets van welkom tegen Alex bromde.
‘Wat kan je ons vandaag aanbevelen Patrice?’
‘We hebben raclette…’
Ze keek Alex vragend aan.
Hij knikte al. ‘Heerlijk, jaren niet gegeten.’
‘Goed, Patrice twee maal en een karafje witte wijn uit de Valais, plus een fles water. Wat heb je toe?’
‘Vacherin…’
‘Hm, zalig.’
Ze reikte Alex een tube aan. ‘Hier, smeer je gezicht in…’ Ze pakte een handspiegeltje uit haar zak en hield dit hem voor. Aan zijn gezicht zag ze dat hij dit bemoederen maar niets vond.
‘Doe het maar, de zon is hier fel, anders ben je vanavond een gekookte kreeft.’
Patrice had dit gehoord en knikte. ‘Mevrouw heeft gelijk, ook ik smeer mij in.’
‘Ik doe het al….’
Ze bekeek zijn knappe gezicht. Zijn donkere haar was prima geknipt. Hij had mooie handen met slanke vingers.
Hij gaf de tube terug met een gebaar of het zo goed was.
De wijn werd al gebracht. Ze wilde inschenken, maar Alex was haar voor.
‘Dat is mannenwerk.’
Ze leunde achterover en sloot even haar ogen. Mooie stem had hij ook. Jammer dat hij 14 jaar jonger was. Ze gniffelde even.
‘Binnenpretje?’
‘Ja, Patrice denkt dat jij mijn nieuwste verovering bent.’
‘Nou, waarom niet? Ik ben geen kind meer.’
Ze voelde dat ze bloosde. Snel rechtte ze haar rug. ‘Right… hier komt de raclette… zeg maar hoeveel porties jij wilt hebben.’
Caroline bediende zich van het Bünderfleisch en schoof het schaaltje met augurkjes en uitjes richting Alex. Ze knikte goedkeurend naar de sla die Patrice had neergezet.
‘En… lekker? Dit vult hoor… met die kou kunnen we dit best gebruiken.’
Ze pakte een gepofte aardappel uit het folie, sneed deze open en deed hier een klodder zure room op. ‘Dat ski ik er straks wel weer af.’
De bordjes werden al weer bijgevuld.
‘Nu heb ik echt genoeg. Alex. Ik heb nog recht op twee porties… als jij…’
Hij keek haar enthousiast aan.
Onzeker door die mooie ogen, schraapte ze haar keel. ‘Ik hou liever een plaatsje over voor het ijs. Wil jij daarna ook nog een heerlijke kop warme chocola?’
Patrice kwam vragen of alles naar wens was.
Alex keek op. ‘Heerlijk, ik heb dit jaren niet gegeten.’
‘Patrice, ik wil afrekenen, mag ik de nota?’
Patrice keek of hij het niet helemaal begreep, maar hij knikte en pakte zijn opschrijfboekje. Ze betaalde contant.
‘Dank je Patrice, dat was echt heerlijk. Kom we gaan.’
Ze stonden beiden op. Alex liep achter haar aan. Beiden pakten hun ski’s.
Een paar meter verder wees ze naar het dal legde de ski’s op de sneeuw en stapte op de bindung. ‘Je moet mij volgen. Je kent het hier niet.’
Ze trok haar handschoenen aan en keek naar de lucht die plotseling aan het veranderen was.
Uit haar ooghoek zag ze Patrice bezorgd kijken. Andere gasten liepen al naar de lift. Ze hoorde kreten als: met dit weer ga ik niet op de latten.
Ze stootte Alex aan. ‘Hoorde je wat ik zei?’
Hij keek met samengeperste lippen recht voor zich uit en stoof plotseling weg.
‘Alex, wacht. Je…’
Hij reageerde niet op haar geroep. Vlug deed ze haar handschoenen aan en volgde zijn spoor.
Ze siste zacht toen hij de zwarte piste nam.
Plotseling begon het hard te waaien. Een moment later werd haar gezicht bekogeld door zware hagelkorrels. Alex was niet meer te zien. Verder skiën naar het chalet leek haar het beste. Ze raakte gedesoriënteerd. Bijna verloor ze haar evenwicht toen ze de sneeuw van haar bril veegde. Als Alex iets zou overkomen…
De hagel veranderde in een sneeuwstorm. Nergens was een plek om te schuilen. Sporen van andere skiërs waren onzichtbaar geworden. Ze kwam bij de bosrand. Ook hier was de grond volkomen onder de nieuwe sneeuwlaag bedekt. Als ze het bos links liet liggen, kon ze het chalet nauwelijks missen.
De koude wind drong door tot haar botten. De lift nemen zou een betere optie geweest zijn. Dat die knul haar genegeerd had… Hij had haar bedil maar niets gevonden… een doetje was hij beslist niet meer. Allerlei scenario’s van een dode ondergesneeuwde Alex passeerden haar gedachten. Ze botste tegen iets op en viel. Met haar hand zocht ze de plek af. Het was een grote steen. Ze zuchtte opgelucht dat het geen lichaam was. Haar linker schouder deed flink pijn. Met moeite viste ze haar iPhone uit haar zak. Geen bereik zag ze. Het noodnummer bellen vond ze overdreven. Liggen blijven was geen optie. Voorzichtig bewoog ze haar armen en benen. Gelukkig niets gebroken, al was er iets mis met haar linkerschouder.
Steunend op haar rechter arm stond ze op en begon langzaam aan de afdaling. Ze haalde opgelucht adem toen ze de schuilhut zag. De deur stond op een kier. Ze deed haar ski’s af en gluurde naar binnen. ‘Is daar iemand?’
‘Ik ben het.’
‘Wie is ik?’
‘Alex. Herken mijn stem niet Caroline? Dat valt mij van je tegen.’
Ze zag hem rustig zitten met een opengeritst jack. Hij had een paar takken in de haard gelegd en begon die aan te steken.
‘Verdomme, ik heb mij ongerust gemaakt… je vader vermoordt mij als ik niet goed op jou pas… waarom luisterde jij niet en ging je gewoon weg?’
Alex reageerde niet. Hij hield zich met het vuur bezit. Toen het hout vlam vatte stond hij op en sloot de deur. ‘Laten we de kou maar buiten houden. Ik ben geen watje hoor. Wat is er met je schouder? Laat eens kijken?’
‘Gevallen, doet verrekte pijn.’
Ze schudde hem van zich af en ging zitten.
‘In Canada heb ik in een blizzard geskied… je wordt onderkoeld als je door gaat. Ik had een kaartje van Alois gekregen… wist dat die schuilhut hier was.’
‘Verdorie, waarom zei je dat niet.’
‘Aan jou hoef ik geen verantwoording af te leggen. Ik ben geen kind meer.’
‘Stik dan maar… ik had helemaal geen zin om jou onder mijn hoede te moeten nemen… liet daarvoor een prachtig concert schieten… je vader…’
Met gebalde vuisten liep ze naar de deur.
Hij trok haar achteruit. ‘Hier.’ Hij hield haar een glas rum voor.
Ze duwde het glas weg. ‘Liever iets warms.’
‘Komt er zo aan mevrouw…’ Zijn stem klonk gepikeerd.
‘Sorry, ik was ook zo ongerust…’
‘Dat is edel van je. Ik kan mij niet meer herinneren dat iemand de afgelopen jaren om mij gaf. Puisterige puber… blok aan het been van mijn moeder… vader vond mij maar lastig.’
Ze hoorde de wrok in zijn stem.
‘Een puisterige puber ben je al lang niet meer.’
Hij lachte schamper en pakte de ijzeren veldfles met een tang uit het vuur.
‘Zo, dit zal nu wel warm genoeg zijn. Mag ik naast je komen zitten, dan houden we elkaar een beetje warm.’
‘Goed hoor.’
Ze keek hoe hij twee ijzeren mokken met theezakjes pakte en het hete water daar voorzichtig in goot. Hij kieperde het glas rum in één mok en overhandigde haar het drankje.
‘Dank je.’
Met kleine teugjes voelde ze de warmte in haar lichaam terugkomen.
‘Neem jij niet?’
‘Meer was er niet…’
Ze gaf hem haar mok. ‘Ik hoef het niet allemaal. Hier, neem jij de rest.’
Hij pakte de mok aan en ze zag dat hij weer kleur op zijn gezicht kreeg.
‘Caroline… laten we dit weekend niet vergallen door verwijten. Oké, ik heb mij kinderachtig gedragen door ineens weg te skiën.’
Ze keek hem aan en zag een lachrimpel bij zijn ogen.
Plotseling begon ze hard te lachen.
Hij keek haar verbaasd aan, maar begon toen mee te lachen.
‘Goede vrienden?’
‘Ja, Alex, goede vrienden. Hoe staat het met de sneeuw?’
Hij stond op en opende de deur op een kier.
‘Shit, er is zeker 20 centimeter bijgekomen.’
‘Heb jij bereik met je telefoon?’
Hij zocht in zijn zakken.
‘Toch niet vergeten hoop ik?’
‘Hou nou eens op ja? Alois waarschuwde mij al voor een eventuele sneeuwstorm…’
‘Dus jij wist dit?’
Hij knikte. ‘Maar ik dacht dat het niet zo’n vaart zou lopen.’
‘Dus…’
‘Maak je niet ongerust. Als we om 7 uur nog niet in het chalet zijn stuurt hij vast hulptroepen. Wanneer die er niet door kunnen, moeten we hier samen overnachten.’
‘Hm, ik…’
Hij schoof dichter naar haar. Ze sloot even haar ogen. ‘Heb je al gekeken of er iets eetbaars is?’
‘Blikvoer… bünderfleisch… water…’
‘Dat wordt een feestmaal.’
‘Met jou als gezelschap kan La Grange hier vast niet aan tippen.’
Ze gaf hem een por. ‘Nu we hier toch zitten, vertel eens iets over jezelf…’
Alex begon aarzelend, maar raakte gauw op dreef. Hij vertelde over het boek dat hij geschreven had. ‘De uitgever reageerde enthousiast, maar ik heb nog geen contract…’
‘Waarover schreef je? Of mag ik dat niet weten?’
Hij stond plotseling op. ‘Ik hoor iets… zijn hier wolven?’
‘Kan mij niet voorstellen… de deur…’
Alex keek door een kier naar buiten en begon hard te lachen. ‘De wolf… dat geluid… Alois staat hier met een grote sneeuwschuiver. Kom, even het vuur doven en opruimen. Ga jij maar vast. Ik neem je ski’s wel mee.’

Het was acht uur toen ze na een warm bad bij La Grange aankwamen.
‘Mijn vader heeft net gebeld.’ Hij keek haar ernstig aan.
‘Alles goed met hem?’
‘Hij komt niet en vroeg of jij goed voor mij zorgde.’
‘Zo, zo. Vertelde jij hem over de sneeuwstorm?’
‘Daarover had hij al op internet gelezen. Het schijnt dat er 20 mensen zijn omgekomen.’
‘Waaat?’
‘Maar goed dat we die lift niet hebben genomen…’
‘Is die cabine…?’
Hij knikte.
Jeremy stond al bij hun tafel. Zijn gezicht miste de eeuwige glimlach. ‘U hebt geboft hoorde ik van Patrice… door de sneeuw hebben we het menu moeten aanpassen. Ik stel voor…’
Caroline maakte een handgebaar. ‘Alles is goed Jeremy.’
Jeremy vertrok met een ernstig gezicht.
Even later kwam hij terug met een fles wijn en zette deze met een klap op de tafel. Ze vroeg niets, maar vermoedde dat een goede vriend of vriendin van hem zojuist was omgekomen.
Hij ontkurkte de fles, rook even aan de kurk en schonk beiden in.
‘Sterkte,’ zei Caroline zacht, waarna Jeremy met samengeperste lippen knikte.
Alex hief het glas. ‘Laten we op de goede afloop drinken.’
Ze knikte. Zijn blik maakte haar onzeker.
Ze keek naar buiten. ‘Het blijft maar sneeuwen… Als dat zo doorgaat…’
Hij stond op.
Ze zag hem met Jeremy smoezen.
‘Iets geregeld?’
‘Ja, we kunnen desnoods hier slapen.’
Hij zat net, toen de elektriciteit uitviel.
Ze rook de geur van dieselolie en hoorde het geratel van het startende noodaggregaat.
Jeremy stond al voor hun tafeltje. ‘Met de stroomuitval, duurt het eten iets langer… ‘
Ze hoorde een harde knal. ‘Verdomme ook nog een lawine.’
Plotseling voelde ze een koude luchtstroom en zag ze een lading sneeuw op haar af komen. ‘Duiken, vlug, onder tafel.’
Ze zaten net gehurkt onder de stevige houten tafel, toen het pak sneeuw daarop terecht kwam.
Meteen werd het donker.
‘Alex… gaat het?’
‘Ja, ik leef nog.’
‘Hou mijn hand vast… anders raken we elkaar kwijt als er nog een lading komt.’
Ze tastte de grond af naar een sneeuwvrij plekje om te gaan zitten. Haar andere hand vond een koud stuk gebogen glas. Voorzichtig pakte ze het op en voelde het gewicht. ‘Ik heb de fles wijn… van de tafel gerold. Er zit nog in. Hier, neem een slok. Met twee handen vasthouden.’
Na eerst haar borst te hebben beroerd, vond hij de fles op de tast.
‘Sorry, dit is niet mijn gewoonte…’
Ze had iets willen zeggen, maar er kwam een tweede lading sneeuw.
‘Nu vind ik het niet leuk meer…’
‘Sneeuw werkt isolerend. Kom als we dicht tegen elkaar zitten…’
‘Alex, zit jij al?’
Ze hoorde hem zuchten.
‘Niets gebroken?’
Ze voelde zijn arm om haar schouder en zijn wang tegen de hare.
‘We moeten proberen die tafel op te tillen…’
‘Als sneeuwschuiver gebruiken…’
‘Briljant idee, heb je daar nog meer van?’
‘Laten we onze dons jakken zoeken anders vriezen we hier dood.’
Ze zocht de grond af. ‘Ik voel hier een lepel…’
‘Geef maar.’
Alex begon driftig te graven.
‘Als we een paar meter sneeuw…’
‘Hou op, niet praten, spaar je kracht.’
‘Dit schiet niet op.’
Ze klikte de lamp van haar smartphone aan. Het gaf spookachtig licht.
‘Ik hoor iets…’ Ze spitste haar oren en riep: ‘Loupo… hier!’
‘Wat?’
‘De herdershond van Jeremy…’
Zacht gejank kwam als antwoord.
‘Hij zit vast… niet ver van hier.’
Nu riep Alex. Zijn stem was veel luider.
Ze wees naar de plek waar het geluid vandaag kwam. ‘Daar… daar zit hij.’
Alex begon de sneeuw met zijn handen weg te halen. Het gehijg van de hond werd duidelijker.
Na een paar minuten zag ze een hondenneus.
Alex zocht met zijn hand over zijn kop naar een ketting. ‘Ik heb hem bijna.’
Een nieuwe lading sneeuw schoof over hen heen, waardoor ze met tafel en al en stuk verder terecht kwamen.
‘Loupo?’
‘Ik voel die ketting weer… ook de bar is verschoven…’
‘Gaat het?’
‘Gelukt.’
Loupo was los en begon hen enthousiast te likken.
Caroline gaf de hond een knuffel. ‘Loupo zoek Jeremy.’ De hond volgde haar commando op en begon als een gek te graven.
Ze sloot haar ogen toen ze de hond hoorde janken.
‘O, God, is hij…’
‘Ik vrees van wel Alex.’
Met tranen in hun ogen klampten ze zich aan elkaar vast.

Dolblij dat ze het na de uitgraving overleefd hadden werden ze zondagavond laat bij het chalet door de hulptroepen afgeleverd. Alois was in alle staten.
‘We mankeren niets Alois, nog iets gehoord van mijnheer Geoffrey?’
‘Hij komt morgen.’
‘Mooi, nu snakken we naar een warm bad en iets te eten. Een uitsmijter is meer dan voldoende.’
‘Natuurlijk, ik zal daarvoor zorgen.’

Alois had net het helikopterveld sneeuwvrij gemaakt toen ze de heli al hoorde. Ze stootte Alex aan. ‘Vast je vader.’
Ze zag een woedende Geoffrey gebukt uitstappen. ‘Caroline, hoe kon je met dit weer het chalet verlaten… onverantwoordelijk… Alex zou…,’ bulderde hij.
Zonder zijn zoon te groeten, marcheerde hij naar binnen en plofte neer in de grote luie stoel in de hal.
‘Pa, ik ben er toch nog…’
‘Je had dood kunnen zijn en dan had ik geen opvolger.’
Geoffrey keek haar woedend aan. ‘Caroline, ik heb jou zwaar overschat.’
‘Dat pik ik niet. Je bent een vader van niets… jaren bekommer jij je niet om je zoon… je liet mij geloven dat hij een watje is en bovendien wil Alex jou helemaal niet opvolgen.’
‘Eruit!’ Geoffrey wees met zijn vinger naar de deur.
Caroline pakte haar bodywarmer en liep naar buiten.
‘Ik ga ook vader.’
‘Blijf, verdomme… je krijgt anders geen cent.’
Alex botste tegen haar aan en riep: ‘Hou die rotcenten maar.’
Geoffrey stond op en liep hen achterna.
Caroline trok haar bodywarmer dichter om haar lichaam en liep door.
Alex pakte haar bij haar schouder. ‘Caroline… wacht.’
Ze hoorde iets kraken, draaide zich om en zag hoe een grote ijspegel loskwam. Als in een vertraagde film werd Geoffreys hoofd precies doormidden gekliefd. Zijn ogen stonden nog verbaasd Bloed spatte op de sneeuw voordat hij in elkaar zakte. Ze stond aan de grond genageld. ‘O God, had ik maar…’
Alex sloeg een arm om haar heen. ‘Rustig maar… hij heeft toch nooit iets om mij gegeven.’

Nu Geoffrey niet meer de scepter zwaaide, was ze afhankelijk van de grillen van zijn opvolger, Bertrand. Hij vond het maar niets dat een vrouw partner was. Door zijn tegenwerking en ook omdat de pikorde verstoord was, presteerde ze slecht.
Toen iemand interesse toonde voor haar dure flat, hapte ze toe. De oplevering correspondeerde met haar opzegtermijn van twee maanden.
Ze was bezig een lijst te maken van de meubels die ze weg wilde doen, toen de bel ging.
Een bruin verbrande Alex stond voor haar deur. ‘Ik heb je gemist in Verbier.’
‘Zat jij al die tijd in het chalet?’
‘Ja, ik heb vaders deel van dat chalet geërfd. Als hij was blijven leven, had ik niets gekregen… nu…’
‘Wow, blijf je daar wonen?’
‘Ik denk er wel over, maar alleen is niet leuk.’
‘Ik heb nu geen recht meer om daar te komen. Betrand… een ramp na jouw vader.’
‘Dat hoorde ik… maar ik heb een nieuwtje… ik kreeg een contract voor mijn boek.’
‘Mooi. Gefeliciteerd.’
‘Zou jij dat kunnen nakijken?’
‘Dat boek of dat contract?’
Hij keek haar vorsend aan, reikte haar een map aan en begon toen te grinniken.
‘Ga zitten, wil je iets drinken? Veel is er niet meer.’
‘Heb je iets sterks?’
Ze knikte.
‘Lees maar… ik ga wel op zoek naar glazen en de drank.’
Ze was net in het contract verdiept en slaakte een kreet. ‘Nee maar… LAWINE… originele naam.’
Ze draaide het blad om en hield haar adem in. ‘100.000 exemplaren. Geweldig.’
Hij reikte haar een glas aan en hield het omhoog.
Ze stond op en gaf hem spontaan een zoen.
Hij zette de glazen op de lage tafel, pakte haar beet en kuste haar vurig terug.
‘O, hemel Alex…’
‘Dit had ik al veel eerder willen doen. Jij…’
Hij sloeg een arm om haar heen. ‘Wat kijk jij aarzelend.’
‘Dat is het niet, nee, jij…’ Ze kuste hem weer. ‘Maar die herinnering… die ijspegel.’
Hij keek haar met een geheimzinnig lachje aan. ‘Tja, mijn vader… moord was het niet, maar ik heb wel…’
Ze gaf hem een por. ‘Staat in jouw boek een moord met een ijspegel?’
‘Ja, jouw idee. Ik wil mijn succes met een etentje bij la Grange vieren, maar nu zonder lawine.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *